Kan een minderheidsaandeelhouder een besluit van andere aandeelhouders tegenhouden?

Onlangs stond ons kantoor een onderneming bij, waarin de aandeelhouders al jaren in een onderlinge strijd leefden. De andere aandeelhouders werden gedagvaard door de minderheidsaandeelhouder om het ontbindingsbesluit tegen te houden. Echter, de Voorzieningenrechter maakte hier tijdens de zitting korte metten mee en heeft alle vorderingen afgewezen. Hierdoor kunnen de aandeelhouders door met ondernemen.

“Samen maken we jouw onderneming succesvol”

Ten behoeve van de familiebedrijven-special van OnderNamen Utrecht, editie zomer 2017, is ons kantoor geïnterviewd. InHouse Law Firm pakt het net even anders aan. InHouse Law Firm ondersteunt bedrijven op het gebied van arbeids- en ondernemingsrecht, zonder onnodig gedoe en mét persoonlijke aandacht. “Van algemene voorwaarden en contracten tot aan huurrecht en overnames; wij helpen je bij alles waar je als MKB’er tegenaan loopt“, aldus Latifa Barou. “Ik wil de ondernemer succesvol maken. Daar komt ook mijn voorkeur voor het MKB vandaan. Je beleeft alles op het niveau van de ondernemer en kunt echt van toegevoegde waarde zijn, omdat er gewoon nog veel winst valt te behalen. Er zitten veel familiebedrijven binnen het MKB, wij richten ons specifiek op hen.”

InHouse Law Firm zorgt ervoor dat de basis goed wordt ingericht, zodat er achteraf niet gesteggeld hoeft te worden en teleurstellingen worden voorkomen. Een ondernemer hoort bezig te zijn met zijn passie. Niet voor niets is de slogan van ons kantoor: “Als de randwaarden kloppen, blijft u slagvaardig in het ondernemen.”

Lees hier het gehele interview.

Bron: Ondernamen Utrecht

“Opstellen Algemene voorwaarden – Ga uit van uw eigen business”

De meest geschillen omtrent contracteren dan wel niet nakomen van afspraken worden veroorzaakt door onduidelijke of onjuist opgestelde algemene voorwaarden. Wij begrijpen dat u als ondernemer graag kosten bespaart en dat ondernemers ook om die reden hun eigen algemene voorwaarden opstellen door het knippen & plakken van een concurrent. Helaas wordt vaak niet of onvoldoende stilgestaan bij de mate waarin die voorwaarden daadwerkelijk overeenkomen met de business van de onderneming.
Denkt u eerst eens goed na over de bedrijfsactiviteiten. Hoe standaard is het wat u doet? Werkt u met alleen consumenten of alleen zakelijke partijen of is dat verschillend? Voor consumenten gelden andere regels dan voor zakelijke klanten.

Onderstaand een overzicht van meest gemaakte fouten en wat tips

1. Geen onderscheid zakelijk klanten & consumenten (B2B en B2C)

Indien u levert aan zakelijke klanten en aan consumenten is het verstandig om in de voorwaarden af te wijken van de wettelijke bepalingen. Dit wordt vaak vergeten, terwijl dit altijd voordeliger is voor u als ondernemer. Alleen consumenten worden beschermt door de wet, maar dit geldt niet voor zakelijke klanten.

Tip
Maak gebruik van de mogelijkheid om bij zakelijke klanten afwijkende afspraken dan de wet. Dit kan alleen als u dit voor uw zakelijke klanten expliciet heeft opgenomen in uw algemene voorwaarden. Ons advies is in ieder geval af te wijken als het gaat om de incassokosten, bevoegde rechter, opzegtermijn abonnementen, wettelijke rente enz.

2. Incassokosten

Sinds 2012 geldt de Wet Incassokosten (WIK) en zijn regels voor het berekenen van incassokosten voor onbetaalde facturen van een consument gewijzigd. In ‘oude’ voorwaarden, die niet meer zijn aangepast na 2012, staat vaak nog dat incassokosten berekend worden volgens de oude regeling Rapport Voorwerk II. Een andere veel gemaakte fout: in de voorwaarden wordt geen onderscheid gemaakt tussen een onbetaalde factuur van een consument en een zakelijke klant.

Tip
Levert u aan beide dan is het verstandig om bij zakelijke klanten af te wijken van de WIK en hogere incassokosten te hanteren. Als u in uw voorwaarden voor zakelijke klanten niet afwijkt van de WIK dan is voor de berekening van de incassokosten de WIK van toepassing. In de meeste gevallen zijn deze incassokosten lager.

3. Bevoegde rechter (forumkeuze)

In de algemene voorwaarden staat vaak vermeld dat een geschil wordt voorgelegd aan de rechtbank waar de ondernemer gevestigd is. In het geval van levering aan een consument, is dat in strijd met de wet. Op grond van de wet kunt u bij levering aan consumenten een geschil alleen voorleggen aan de rechtbank waar de consument woont. Bij zakelijke klanten mag u uiteraard wel afwijken in uw voorwaarden.

Tip
Het is raadzaam bij zakelijke levering af te wijken van de wet. Indien u dit expliciet vermeld in uw algemene voorwaarden, dan hoeft u bij een eventueel geschil niet ver te reizen naar de rechtbank. Wanneer u dit niet vermeld in uw voorwaarden, dan is gewoon de wet van toepassing en die zegt dat geschillen voorgelegd moeten worden aan de rechtbank waar uw klant woonachtig/gevestigd is.

4. Uitsluiting/beperking aansprakelijkheid

In veel voorwaarden is de aansprakelijkheid niet voldoende beperkt of te veel beperkt. Vaak wordt opgenomen dat aansprakelijkheid volledig wordt uitgesloten en/of wordt aansprakelijkheid te veel beperkt. Omdat volledige uitsluiting van aansprakelijkheid als onredelijk wordt gezien is de kans groot dat de rechter u aansprakelijk stelt conform de wet: u bent voor alle schade aansprakelijk. Dit geldt voor al in geval van levering aan een consument.

Vaak zien wij ook dat de aansprakelijkheid van het bedrijf onvoldoende beperkt is .Zo staat er niet expliciet opgenomen dat de ondernemer alleen aansprakelijk is voor directe schade. Het gevolg: u bent ook voor indirecte schade, zoals gevolgschade, gemiste omzet, reputatieschade enz. aansprakelijk.

5. Ontbrekende zaken

Vaak ontbreken er belangrijke zaken in algemene voorwaarden. Zaken die wij vaak niet in voorwaarden zien staan:
• Eigendomsvoorbehoud
• Klachtenregeling
• Garantiebepalingen
• Uitsluiting Weens Koopverdrag en toepassing Nederlands recht als er ook geleverd wordt aan buitenlandse klanten

Voorkom uitglijers en laat u goed adviseren voordat u een contract voorlegt aan de andere partij of er eentje tekent. Vertrouwen hebben in elkaar is goed, maar het beste fundament voor een goede rechtsverhouding is een waterdicht en uitgedacht contract.

Handige tips over de afschaffing van de VAR

Handige tips over de afschaffing van de VAR

De afschaffing van de VAR en het werken met specifieke overeenkomsten brengt veel onduidelijkheden met zich mee voor ZZP-ers en opdrachtgevers. Wanneer gewerkt wordt met door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomsten, dan geeft de Belastingdienst een vrijwaring. Maar is de uitvoering in de praktijk toch anders dan in de overeenkomst genoemd, dan is er van vrijwaring geen sprake meer.

Hieronder een aantal tips:

1) Is een modelovereenkomst verplicht?
Zoals het hebben van een VAR verklaring niet verplicht is , is het hebben van een modelovereenkomst ook niet verplicht. Echter, wanneer u twijfelt of uw relatie met uw opdrachtgever gezien kan worden als een arbeidsrelatie of als uw opdrachtgever dit verwacht is het raadzaam om een modelovereenkomst te hebben. De volgende modellen zijn reeds gepubliceerd: algemene modelovereenkomsten, modellen per branche en individueel getoetste (en gepubliceerde) overeenkomsten. Wanneer u een goedgekeurd model gebruikt, dan kunt u er zeker van zijn dat de opdrachtgever geen inhoudingen en afdrachten hoeft te doen.

2) Kan ik een zelf opgestelde modelovereenkomst laten controleren door de belastingdienst?
U hebt de mogelijkheid om een eigen modelovereenkomst op te stellen en te laten controleren door de Belastingdienst. Dit is niet verplicht, maar wel raadzaam. Het vooraf laten controleren heeft de volgende voordelen:
 u heeft vooraf de zekerheid over loonheffing;
 een goedgekeurde modelovereenkomst is 5 jaar geldig.

3) Wat is de geldigheid van een reeds verstrekte var verklaring? (overgangsregeling)
Tot 1 mei 2016 gelde de overgangsregeling. Indien u reeds vóór 1 mei 2016 in het bezit was van een VAR voor 2014 of 2015, u deze ook nog voor heel 2016 mag gebruiken. Het dient dan echter wel te gaan om dezelfde werkzaamheden op basis van dezelfde afspraken. Nieuwe zelfstandigen of zzp’ers met een nieuwe opdracht dienen met een modelovereenkomst te werken.

Vanaf 1 mei 2016 tot 1 mei 2017 loopt er een implementatietermijn. Deze periode is bedoeld om werkgevers en werknemers de tijd te gunnen hun werkwijze aan te passen aan de nieuwe situatie. De Belastingdienst heeft vooralsnog aangekondigd, behoudens in fraudegevallen, geen handhavingsmaatregelen te zullen nemen. Alleen evident misbruik wordt aangepakt.

4) De modelovereenkomsten van de belastingdiensten passen niet bij mijn situatie, wat nu?
Op de website van de belastingdienst staan een aantal standaard modelovereenkomsten. Het kan echter zijn dat deze niet bij u passen. U kunt dan zelf een modelovereenkomst opstellen en deze ter goedkeuring voorleggen aan de belastingdienst. U kunt uw modelovereenkomst per e-mail naar de belastingdienst toesturen: alternatiefvar@belastingdienst.nl. Binnen 6 weken beoordeeld de belastingdienst uw modelovereenkomst.

5) Waar vind ik de modelovereenkomsten?
De modelovereenkomsten vindt u op de website van de belastingdienst. http://bit.ly/1RrTIon

Wilt u advies over het inhuren van zzp’ers of uw opdrachtovereenkomst, neem dan contact met ons op.

Aanbestedingrecht: Ondernemer, trek tijdig aan de bel wanneer u het niet eens bent met de door de aanbesteder gestelde eisen

Wanneer u als ondernemer het niet eens bent met de door de aanbesteder gestelde eisen, moet u tijdig aan de bel trekken. Ook na de laatste nota van inlichtingen, dient u zich proactief op te stellen  en direct schriftelijk bezwaar te maken.

Heeft u als ondernemer bezwaar tegen bepaalde eisen? Dan heeft u het recht direct een kort gedingprocedure te starten. Gaat dit echter te ver voor u of vreest u voor de  daaraan verbonden kosten, maak dan in ieder geval uw bezwaren tijdig  kenbaar bij de aanbesteder. Wij kunnen u daar desgewenst bij helpen.

Vorige week stonden wij een zorgondernemer bij die tijdig aan de bel trok. Uit kostenoverwegingen hebben wij eerst de aanbesteder maar eens aangeschreven, de bezwaren kenbaar gemaakt en een kort geding in het vooruitzicht gesteld. In deze zaak ging het om het sluiten van een raamovereenkomst voor WMO met een selecte groep zorgaanbieders. In de aanbestedingsleidraad waren selectiecriteria aangegeven, welke criteria na de nota van inlichtingen nogmaals zijn aangepast.

Wij hebben de aanbesteder op de hoogte gebracht van de bezwaren. Dit resulteerde  in een onderhandeling, welke er toe heeft geleid dat de ondernemer alsnog een zorgovereenkomst heeft gekregen voor 2016.

Tip: Protesteer altijd tijdig tegen een afwijzing door de aanbesteder. bezwaar-300x217

VAR- verklaring per 1 mei 2016 definitief afgeschaft

Op 2 februari heeft de Eerste kamer ingestemd met het wetsvoorstel Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Dit betekent dat de VAR-verklaring per 1 mei aanstaande definitief zal worden afgeschaft. Voortaan kunnen opdrachtgevers en opdrachtnemers hun overeenkomst ter beoordeling overleggen aan de belastingdienst.

Wat is de achterliggende gedachte achter de afschaffing van de VAR-verklaring? Welke gevolgen heeft de afschaffing en wat is voor u als ondernemer relevant?

Geen VAR-verklaring meer

Op basis van de huidige regelgeving kunnen zzp’ers en freelancers jaarlijks bij de belastingdienst een VAR-verklaring aanvragen. Potentiele opdrachtgevers kunnen op deze manier achterhalen of de opdrachtnemer door de belastingdingdienst als ondernemer of als werknemer in loondienst beschouwd wordt. Het onderscheid tussen ondernemer en werknemer is in de uitvoeringspraktijk van belang voor de vraag of er sprake is van inhoudings- en premieplicht voor de loonheffingen en verzekeringsplicht voor de werknemersverzekeringen. De opdrachtgever heeft op deze manier de zekerheid dat hij geen loonheffingen hoeft in te houden en te betalen.

Per 1 mei 2016 wordt deze verklaring dus afgeschaft. In plaats daarvan kan men overgaan tot het gebruik van voorbeeldovereenkomsten. Met de afschaffing van de VAR-verklaring beoogt de overheid de verantwoordelijkheden van de opdrachtnemer en de opdrachtgever bij het beoordelen van hun arbeidsrelatie beter in balans te brengen. Hierdoor worden de mogelijkheden tot handhaving verbeterd en schijnzelfstandigheid terug gedrongen.

Algemene modelovereenkomsten

Voortaan kunnen opdrachtgevers en opdrachtnemers gebruik maken van voorbeeldovereenkomsten die door de belastingdienst zijn opgesteld. Daarnaast is het ook mogelijk om modelovereenkomsten te gebruiken die zijn opgesteld voor specifieke beroepsgroepen, deze zijn opgesteld door brancheverenigingen. Voor een overzicht van algemene modelovereenkomsten en voorbeeldovereenkomsten kunt u hier klikken.

Daarnaast is het voor belangenorganisaties van opdrachtgevers en opdrachtnemers of individuele opdrachtgevers of opdrachtnemers ook mogelijk om een eigen overeenkomst op te stellen. Deze overeenkomst kan vervolgens voorgelegd worden aan de belastingdienst. De belastingdienst beoordeelt dan of de opdrachtgever loonheffingen moet in houden of betalen. De beoordeelde overeenkomsten zullen (voor zover mogelijk) door de belastingdienst openbaar gemaakt worden, zodat deze ook door andere opdrachtgevers en opdrachtnemers gebruikt kunnen worden.

Hoe lang is de VAR nog geldig?

Opdrachtgevers en opdrachtnemers hebben nog tot 1 januari 2017 om hun werkwijze aan te passen. Gedurende deze periode houdt de belastingdienst nog toezicht, maar met name op het gebied van voorlichting en ondersteuning. Er geldt nog wel een inspanningsverplichting (opdrachtgever en opdrachtnemer dienen zorg te dragen dat de arbeidsrelatie geen dienstbetrekking is).

Wat zijn de voordelen voor u als ondernemer?

Een voordeel van de nieuwe regelgeving is dat u minder administratieve rompslomp heeft. Een VAR-verklaring aanvragen kost tijd en ook moeite. De modelovereenkomsten zijn per sector te vinden op de website van de belastingdienst. U kunt de overeenkomst dat invullen en aangeven onder welke voorwaarden het werk wordt verricht. De zzp’er of freelancer kan dan gelijk voor u aan het werk. Bij de VAR moest er elk jaar een nieuwe verklaring worden aangevraagd, maar deze modelovereenkomsten kunnen steeds weer opnieuw hergebruikt worden.

Vragen en contact

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. U kunt ons bellen 030- 820 10 45 of mailen:  info@inhouselawfirm.nl

Nieuwe regels jaarrekeningenrecht per 1 januari 2016

Voor mkb’ers zijn er per 1 januari 2016 een paar belangrijke wetswijzigingen in werking getreden op het gebied van het jaarrekeningenrecht. Zo gaan de grensbedragen omhoog waarmee ondernemingen als klein of middelgroot worden aangeduid. Daarnaast wordt ook de zogeheten micro-onderneming geïntroduceerd.

Vereenvoudiging jaarrekeningenrecht MBK-bedrijven
Het jaarrekeningenrecht is aangepast aan de Europese richtlijn jaarrekening. Het doel van de richtlijn is het jaarrekeningenrecht te moderniseren en te vereenvoudigen en de administratieve lasten voor ondernemers te verlichten. De grensbedragen gaan omhoog en dit betekent dat meer bedrijven gebruik kunnen maken van allerlei vrijstellingen.

Een onderneming is ‘middelgroot’ met een balanstotaal van maximaal 20 miljoen en een netto-omzet van 40 miljoen. Daarnaast mag de middelgrote onderneming maximaal 250 werknemers in dienst hebben.

Een onderneming is ‘klein’ met een balanstotaal van maximaal 6 miljoen en een netto-omzet van 12 miljoen. Hiernaast mag een klein bedrijf maximaal 50 werknemers in dienst hebben. Kleine ondernemingen moeten een beperkte balans en winst- en verliesrekening openbaar maken. Ook kan een kleine onderneming volstaan met een beperkte toelichting op de jaarrekening en hoeft er geen accountantscontrole uitgevoerd te worden.

Ten slotte worden de jaarrekeningregels ook vereenvoudigd voor zogeheten micro-ondernemingen (dit zijn hele kleine ondernemingen). Het regime voor micro-ondernemingen is nieuw. Deze verandering draagt wederom bij aan de vermindering van uw administratieve lasten, omdat u eerder in aanmerking komt voor vrijstellingen. Een onderneming wordt beschouwd als een micro-onderneming met een balanstotaal van maximaal 350.000 euro en een netto- omzet van 700.000 euro. Daarnaast mag een micro-onderneming maximaal 10 werknemers in dienst hebben. Micro- ondernemingen stellen een heel beperkte jaarrekening op. Een micro-onderneming kan volstaan met een verkorte balans en winst- en verliesrekening. Daarnaast hoeft een micro-onderneming ook geen toelichting op de jaarrekening te geven of een accountantscontrole uit te laten voeren.

Jaarrekening deponeren uitsluitend digitaal
Voor de wijze van publicatie van de jaarrekening gaan ook nieuwe regels gelden. U kunt voortaan uw jaarrekening alleen nog digitaal deponeren met behulp van Standard Business Reporting (SBR) of via een online service laten deponeren bij de Kamer van Koophandel. SBR is de nationale standaard voor de digitale uitwisseling van alle bedrijfsmatige rapportages. Tevens is dit de norm die al gebruikt wordt voor aangifte bij de Belastingdienst.

Kleine en micro ondernemingen moeten de jaarrekening vanaf 1 januari 2017 over het boekjaar 2016 exclusief digitaal via SBR of anderszins deponeren bij de Kamer van Koophandel. Voor middelgrote ondernemingen gaat deze regeling pas over boekjaar 2017 gelden en voor grote ondernemingen over boekjaar 2019.

Vragen of contact

Heeft u vragen naar aanleiding van bovengenoemde wetswijzigingen? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. U kunt mailen naar: info@inhouselawfirm.nl of bellen 030-8201045

Belangrijkste wetswijzigingen arbeidsrecht per 1 januari 2016

Als ondernemer wilt u ook in het nieuwe jaar weer het beste uit uw bedrijf halen en focussen op waar u goed in bent. Het is hierbij wel belangrijk om op de hoogte te zijn van veranderende regelgeving en uw bedrijfsvoering tijdig hierop aan te passen. Per 1 januari 2016 zijn er op verschillende rechtsgebieden nieuwe regels in werking getreden die relevant zijn voor ondernemers. Er zijn nieuwe regels in werking getreden op het gebied van het arbeidsrecht, ondernemingsrecht en ICT-recht.

Hieronder een overzicht van de belangrijkste wetswijzigingen op het gebied van het arbeidsrecht:

Wet flexibel werken

Deze wet heeft als doel flexibel werken te bevorderen doordat werknemers meer mogelijkheden krijgen om vanuit huis te werken en op voor hen meer gunstigere tijden. Uw werknemer mag u daarom voortaan verzoeken om de arbeidstijden en arbeidsplaats (bijvoorbeeld enkele dagen thuiswerken) aan te passen. Voorheen kon de werknemer alleen een verzoek doen tot aanpassing van het aantal arbeidsuren. U mag een verzoek tot wijziging van de arbeidstijden en arbeidsplaats alleen weigeren bij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen. Hierbij moet u dan bijvoorbeeld aan kunnen tonen dat toewijzing van het verzoek kan leiden tot ernstige problemen omtrent de bedrijfsvoering of problemen oplevert met verdeling van uren.

Wet aanpak schijnconstructies

Deze wet heeft als doel om constructies aan te pakken die zijn opgezet om de regels en cao-afspraken te omzeilen.

Girale betaling
Vanaf 1 januari 2016 bent u als werkgever verplicht om aan elke werknemer het deel van het loon gelijk aan het wettelijk minimumloon giraal over te maken. Dit betekent dat het loon overgemaakt moet worden op de bankrekening van uw werknemer. Contante betalingen zijn nog wel mogelijk voor het gedeelte van het loon wat boven het wettelijk minimumloon ligt. Als uw werknemer minder dan vier dagen per week op basis van een arbeidsovereenkomst dienstverlening aan huis verricht, bent u uitgesloten van deze verplichting. De zogenaamde Regeling dienstverlening aan huis is bedoeld om de markt voor persoonlijke dienstverlening te stimuleren.

Specificeren op de loonstrook
Op de loonstrook dient u de bedragen waaruit het minimumloon is opgebouwd, alsmede eventuele onkostenvergoedingen te specificeren. Met name als dit gepresenteerd wordt als onderdeel van het minimumloon. Deze maatregel heeft als doel om loonstroken transparanter te maken.

Wet werk en zekerheid

De wet werk en zekerheid wordt sinds 1 januari 2015 in delen ingevoerd. Per 1 januari 2016 is ook het laatste deel in werking getreden.

Werkloosheidswet (WW)
De maximale duur van de WW wordt tussen 1 januari 2016 en 1 april 2019 stapsgewijs (een maand per kwartaal) ingekort tot 24 maanden. Op dit moment is de maximale duur van de WW nog 38 maanden, maar dit zal dus stapsgewijs terug gebracht worden. Daarnaast bouwde een werknemer voorheen, per gewerkt jaar 1 maand WW op. Dit is ook per 1 januari 2016 veranderd. Voor de eerste 10 jaar geldt dat een werknemer per gewerkt jaar een maand WW opbouwt, daarna geldt dat voor elk gewerkt jaar een halve maand WW wordt opgebouwd.

Voorgaande geldt ook voor de WGA-uitkering (uitkering voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten). Ook voor deze uitkering wordt de maximale duur teruggebracht van 38 naar 24 maanden. Daarnaast is ook de opbouw per 1 januari 2016 veranderd en verloopt hetzelfde als de opbouw van de WW.

Aanvulling WW in cao
Vanaf 1 januari 2016 kunnen vakbonden en werkgeversorganisaties in de cao afspraken maken over een privaat gefinancierde aanvulling op de werkloosheidsuitkering, die aansluit op de WW-uitkering.

Wet werken na de AOW-gerechtigde leeftijd

Deze wet moet het aantrekkelijker maken om door te werken na de AOW-gerechtigde leeftijd. Zo bevat de wet een aantal maatregelen die drempelverlagend zijn en het voor u als werkgever makkelijker maakt om AOW’ers door te laten werken.

Opzegtermijn
Vanaf 1 januari 2016 geldt er voor het opzeggen van een arbeidsovereenkomst met een AOW-gerechtigde werknemer een opzegtermijn van een maand.

Ketenbepaling
U kunt met een AOW-gerechtigde werknemer maximaal zes tijdelijke contracten in een periode van vier jaar aangaan, voordat de overeenkomst overgaat in een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Alleen contracten die zijn aangegaan na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd worden hierbij in aanmerking genomen. 

Loondoorbetalingsverplichting bij ziekte
In geval van ziekte bij een AOW-gerechtigde werknemer geldt er vanaf dit jaar een verplichting tot loondoorbetaling van maximaal dertien weken in plaats van twee jaar. In verband hiermee worden ook de re-integratieverplichtingen van de werkgever en het opzegverbod bij ziekte beperkt tot dertien weken en vervallen enkele re-integratieverplichtingen voor de AOW-gerechtigde werknemer.

Aanpassing arbeidsduur
U bent als werkgever per 1 januari 2016 niet meer verplicht om in te gaan op een verzoek van een AOW-gerechtigde werknemer om uitbreiding of vermindering van het aantal gewerkte uren. Deze verplichting is vervallen.

Vragen of contact

Heeft u vragen naar aanleiding van bovengenoemde wetswijzigingen? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. U kunt mailen naar: info@inhouselawfirm.nl of bellen 030-8201045